Hofleverancier in 1898 wegens het "mogen" leveren van een cello aan Koning Willem III

In 1646 werd Richard Haka of Hacka in Londen geboren. Zijn vader Thomas maakte wandelstokken en kwam in 1652 met zijn gezin uit Londen naar Amsterdam. Richard ontwikkelde zich als een gerenommeerd bouwer van blokfluiten, hobo’s en fagotten. In 1676 trouwde hij met Grietje van den Bogaart en betrok een pand ‘tusschen de Oude Sluys (=huidige Kalverstraat) en de Luytersche Oude Kerk in de Vergulde Bas-Fluyt’.
In 1692 zette zijn neef Coenraad Rykel (geb. te Amsterdam in 1667) die reeds 15 jaar bij hem in de zaak was, waarvan ‘8 Jaren met hem in Compagnie geweest’, de zaak voort. Leerlingen waren Abraham van Aardenbergh en Jan Steenbergen. Fluiten van Haka en Steenbergen worden tot op de dag van vandaag als voorbeeld en inspiratiebron gebruikt door gerenommeerde bouwers.
Een zeer oude voorraad gedraaid buxushout, gevonden in 1974 op de zolder van het pand Spui 11, doet ons vermoeden dat Richard Haka zijn werkplaats had in het zelfde pand dat tot op de dag van vandaag nog vol staat met muziekinstrumenten.
Een inspirerende gedachte!

 

De schilder Charles Rochussen (1814-1894) moet heel wat tijd hebben doorgebracht op onze werkplaats. In het Rijksmuseum hangt een schilderijtje van hem van dat in 1855 geschilderd moet zijn vanaf de derde verdieping van ons pand. 

In 1842 richtte Wilhelm Hampe, vioolbouwer en oorspronkelijk contrabassist, de fa. Hampe op. Aanvankelijk werden er uitsluitend strijkinstrumenten verkocht, maar later werd het assortiment uitgebreid met blaas, tokkel en slaginstrumenten. Geëxporteerd werd er o.a. naar "West en Oost-Indië". Instrumenten en halffabrikaten werden o.a. uit België, Duitsland, Frankrijk en Italië geïmporteerd. De firma Mahillon uit Brussel was bijvoorbeeld een vaste leverancier. Deze instrumenten werden per trekschuit in delen voor de deur afgeleverd en op de derde verdieping verkoopgereed gemaakt. Een werkplaats van krap 16 vierkante meter onder het dak, waar drie man dag in dag uit soldeerden, ontdeukten, koperen buizen bogen met gesmolten lood…
De fa. Hampe was de eerste die de saxofoon in Nederland importeerde. Helaas is, voor zo ver wij weten, de correspondentie met Adolph Sax verloren gegaan, maar volgens overlevering moet er heel wat overtuigingskracht voor nodig zijn geweest voordat Wilhelm Hampe bereid was het nieuw uitgevonden instrument in het assortiment op te nemen...
Na Wilhelm’s dood werd de zaak voortgezet door de weduwe M.A. Hampe- Holst. In 1898 werd het bedrijf hofleverancier na het “mogen” leveren van een cello aan koning Willem III. Na haar overlijden nam Ernst Friedrich Wilhelm Hampe de zaak over die het bedrijf 52 jaar leidde. In 1933 werd hij opgevolgd door zijn beide zoons. Toen in 1973 zijn broer overleed zette Jaap Willem het bedrijf voort met o.a. zijn assistenten Paul Berding en Aad Timmers en later zijn zoon Bert Hampe. In 1974 werd de toen 21-jarige Tom van Berkel aangenomen die het familiebedrijf in 1992 overnam. Samen met multi-instrumentalist Siard de Jong vormen zij de vaste kern. Beiden zijn los van de zaak als muzikant actief.